16 december 2025 – Integrale tussenkomst Tom Claes tijdens gemeenteraad
“Om te beginnen zou ik onze waardering willen uitspreken voor de stadsdiensten, die het afgelopen jaar bijzonder hard gezwoegd hebben aan dit lijvige werkstuk. We hoorden in de wandelgangen dat het niet makkelijk was. Onze oprechte dank daarvoor.
Een schouderklop en dikke knuffel ook voor mijn collega’s in de fractie, die zich de afgelopen twee weken met een zelden geziene gedrevenheid op dit meerjarenplan hebben gestort. Vele uren lezen, studeren, experten raadplegen en overleggen: het was niet evident. Dat we op voorhand enkel dingen in de wandelgangen konden vernemen, maakte de tijd zeer beperkt.
Gemeenteraad niet betrokken
Het college koos ervoor om op geen enkele manier de gemeenteraad te betrekken bij de opmaak van dit plan. Meer zelfs: om ons geen dag langer te gunnen dan de wettelijke twee weken om ons in de plannen te verdiepen.
Ik zeg uitdrukkelijk “de gemeenteraad” en niet “de oppositie”, want blijkbaar wisten de collega-raadsleden van de meerderheid ook van toeten noch blazen. Op zijn minst waren jullie wat dat betreft wel consequent.
Goede herder gaf niet thuis
“Moeilijke keuzes in moeilijke tijden”, dat was de titel van het persbericht op 1 december. “Konden ze niet een meer enthousiasmerende titel verzinnen?”, was onze eerste reactie. Maar hoe dieper we in het meerjarenplan doken, hoe duidelijker het werd dat er inderdaad weinig reden tot enthousiasme was.
De N-VA presenteert zich altijd als goede herder, als oerdegelijke bestuurder die geen euro uitgeeft die hij niet heeft en die omzichtig omspringt met de centen van de Lierse belastingbetaler. N-VA doet geen loze beloftes, bouwt geen luchtkastelen: u kent dat riedeltje. Of zoals de burgemeester het recent stelde: “Wie kritiek heeft is een roeper, wij zijn doeners”.
Het meerjarenplan dat voorligt, is niet het meerjarenplan van een degelijk bestuur. De goede herder gaf niet thuis. Uiteraard zijn we ons bewust van de bijkomende budgettaire moeilijkheden veroorzaakt door beslissingen van de Vlaamse en federale overheden. Die zorgden in zowat elke gemeente voor een moeilijke en zware besparingsronde op exploitatie.
Bloedrode cijfers, ondanks hogere belastingen
Maar als ondanks alle besparingen en belastingverhogingen – daarover later meer – de budgetten bloed- en bloedrood blijven kleuren, zouden alle alarmbellen moeten afgaan.
Bedroeg onze schuldgraad in 2022 nog €1.719 per inwoner, wordt dat in 2026 al €2.745 per inwoner om in 2031 boven de €3.200 per inwoner uit te stijgen. Daarmee steken we Mechelen voorbij, de stad die door de burgemeester vaak wordt aangehaald als voorbeeld van budgettair slecht bestuur. Oh ironie.
We staan er zo slecht voor dat alle boekhoudkundige ‘trucen van de foor’ werden bovengehaald om het meerjarenplan te laten beantwoorden aan de wettelijke vereisten: elk jaar een positief budgettair resultaat en op het einde een positieve autofinancieringsmarge. Collega Vanhove zal daar later dieper op ingaan.
Ontsporing restauratie Begijnhof
We moesten niet ver zoeken om de belangrijkste reden van de budgettaire ontsporing te vinden. In dit meerjarenplan wordt voor de eerste keer duidelijk wat een hallucinant slagveld de restauraties van Begijnhof en Sint-Gummaruskerk zijn geworden.
Laat ons eerst eens kijken naar het Begijnhof. Op 24 december 2018 werd trots het restauratieproject voorgesteld. Er was immers een premieovereenkomst voor meerdere jaren afgesloten met de Vlaamse overheid die 80% van de kosten ging dragen. De stad begrootte de werken op een dikke 15 miljoen euro. Na tussenkomst van Vlaanderen – dat dus meer dan 12 miljoen euro zou bijdragen – zou maar zo’n 3 miljoen euro uit de stadskas moeten komen. De hele klus ging op vijf jaar geklaard worden. Van een mooi kerstgeschenk gesproken.
Het klonk toen al te mooi om waar te zijn en dat was het ook. De kosten ontspoorden volledig. In plaats van 15 miljoen euro stevenen we af op zo’n 40 miljoen euro kosten, zonder één extra euro uit Vlaanderen. Met andere woorden: geen 3, maar 28 miljoen euro uit eigen zak te betalen. In plaats van vijf jaar gaan de werken 17 (!) jaar duren. De heraanleg van de straten volgt pas in 2037.
Zelfde verhaal voor Sint-Gummaruskerk
Het wordt nog erger. Want wat dachten onze goede huisvaders na het akkoord over het Begijnhof? “Ach, dat Begijnhof gaat ons amper iets kosten. Laat ons meteen de Sint-Gummaruskerk en de Heilige Geestsite een totale make-over geven. Want wij zijn doeners hé, geen roepers”. Zo geschiedde.
Eind september 2020 was er opnieuw een akkoord met de Vlaamse overheid. De stad schatte de kosten op 22,6 miljoen euro. Vlaanderen zou daarvan 8,6 miljoen euro ophoesten. De pittige 14 miljoen euro uit eigen zak was geen probleem, want het Begijnhof was toch bijna gratis, niet?
Maar ook hier hetzelfde verhaal: een totale ontsporing van budgetten en termijnen. Momenteel wordt uitgegaan van een verdubbeling van het oorspronkelijke budget, alweer zonder een extra Vlaamse euro. De volledige restauratie zal meer dan 40 miljoen euro kosten. De bijdrage van de Stad explodeert van 14 naar ongeveer 31 à 32 miljoen euro. Wanneer alles af zal zijn, is nog onduidelijk. Onze eigen Sagrada Familia als het ware.
Wanbeheer zal Lierenaar meer dan 40 miljoen extra kosten
Samengevat: een totale meerkost van een dikke 40 miljoen euro voor de Lierse en Hooiktse belastingbetaler. En een Begijnhof en Sint-Gummaruskerk die er nog jaren onafgewerkt bij zullen liggen. Er zijn al voor minder audits uitgevoerd. Moest ik op mijn werk bouwprojecten zo budgetteren, ik zou mijn job al lang kwijt zijn geweest.
We kunnen niet anders dan spreken van extreem wanbeheer wanneer de twee grootste projecten uit de recente Lierse geschiedenis zo vreselijk uit de hand lopen. Hoe is dit kunnen gebeuren? Heeft er niemand aan de alarmbel getrokken toen al bleek dat de budgetten ontoereikend waren? Is er iemand op de Vlaamse regeringstafel gaan kloppen om de premieovereenkomsten open te breken? Zijn er architecten of aannemers in gebreke gesteld? Vragen waar we heel graag een antwoord op zouden krijgen.
Niet enkel te wijten aan prijsstijgingen
In het licht van heel dit meerjarenplan is de manier waarop u communiceerde bij de lancering ervan wel heel cynisch. Het was een masterclass in mensen een rad voor de ogen draaien.
In uw communicatie wijt u de tientallen miljoenen euro’s meerkosten van de restauraties aan prijsstijgingen. Ik heb voor u de bouwindexen even nagekeken. Pakweg 25% prijsstijging kan verantwoord worden op die manier. Een verdubbeling of verdrievoudiging allerminst. Over het feit dat u het allemaal liet ontsporen, geen woord natuurlijk.
Symboolpolitiek om belastingverhogingen te verdoezelen
Er stond wel meer interessants in uw communicatie. Het gratis half uurtje parkeren wordt een uur kondigde u triomfantelijk aan. Een populistische symboolmatregel met schadelijke neveneffecten, maar goed: Sinterklaas was in het land, dus dat kwam goed uit.
Over het uitbreiden van de betalende zone, de verhoging van de tarieven, het ’s avonds een uur langer betalen en het betalend maken van de eerste bewonerskaart zweeg u wijselijk. Ook hier zijn we eens in de tabellen gedoken. De parkeerontvangsten stijgen met €600.000 of zo’n 19% dan met het oude reglement. Niet alleen bezoekers, maar ook de Lierenaars zelf draaien dus dubbel en dik op voor dat extra gratis halfuurtje. Het is gewoon een belastingverhoging. Maar het klonk sympathiek en leverde likes op Facebook op: missie geslaagd dus.
Tax shift is belastingverhoging
Er is ook wat u ‘de slimme tax shift’ noemt: de werkende mensen betalen minder, de sterke schouders meer. We zijn het woord ‘tax shift’ eens gaan opzoeken: een tax shift is een verschuiving van belastingen van de ene doelgroep naar de andere, zonder dat de totale belastingdruk stijgt.
Ook hier toont de realiteit een ander beeld. Een eenvoudige simulatie leert ons dat u met de nieuwe tarieven meer dan 23 miljoen euro nieuwe belastingen ophaalt de komende jaren. De belastingdruk stijgt met zo’n 10%. Dat een tax shift noemen, is eenvoudigweg liegen.
Of al die extra belastingen ook effectief bij de sterkste schouders terechtkomen, is nog maar de vraag. Collega Gielen gaat daar later nog dieper op in.
Belastingverhogingen om gaten te dichten, beleid is slachtoffer
U spreekt over de moeilijke oefening om jaarlijks 8 miljoen euro te besparen op exploitatie. U laat in uw tekst uitschijnen dat u die 8 miljoen vooral gevonden heeft door te besparen op de eigen werking. Dat klinkt natuurlijk goed, als goede huisvader.
Wat u vergeet te vermelden is dat u ook hard snijdt in het sociaal beleid. Daar heeft collega Van Campenhout nog wel een woordje over te zeggen.
Ook hier verzwijgt u gewoon dat dat gat van 8 miljoen voornamelijk wordt dichtgereden met extra belastingen en retributies. Alleen spreken over besparingen is ook hier gewoon liegen. U kan veel beweren, maar een belastingverhoging is bij mijn weten nog altijd geen besparing.
Job niet gedaan of gelogen
U komt in uw persbericht ook met een lijstje van straten en pleinen die worden heraangelegd, met het jaartal erbij. Heel herkenbaar. U kwam naar goede gewoonte vorig jaar bij de verkiezingen ook met zo’n ‘schup in de grond’-lijstje op de proppen.
We citeren u even in 2024: “Als verantwoordelijke beleidspartij komen wij met een gedetailleerd en becijferd plan, geen onbetaalbare luchtkastelen. We dagen de andere partijen graag uit om hetzelfde te doen en een prijskaartje te plakken op hun beloftes.” Bijzonder cynische woorden als we vandaag de realiteit bekijken.
Van de 27 nieuwe straten die u beloofde, zijn er een jaar later alweer 16 van de lijst verdwenen. Tot zover uw gedetailleerd en becijferd plan. Ofwel wist u vorig jaar nog niet welk budgettair drama zich afspeelde door de restauratiewerken. Dan heeft u uw job niet gedaan. Ofwel wist u het wel en besloot u simpelweg te liegen tegen uw kiezers.
26% extra belastingen op onroerende voorheffing
En dan dook er vorige week nog een grafiekje op van de relatieve schuldgraad, zowel op de socials van de burgemeester als tijdens de commissie van schepen Wollants.
Dat grafiekje zou moeten aantonen dat u de Lierse schulden netjes onder controle heeft. Op het grafiekje zien we nog een scherpe stijging in 2024 en 2025. U weet wel: de kosten aan Begijnhof en Sint-Gummaruskerk terwijl de subsidies al lang op zijn. In 2026 volgt dan plots een knik naar beneden om daarna slechts zachtjes verder te stijgen. “Wij zaaien naar de zak”, schreef de burgemeester erbij.
Wat er niet bijgeschreven werd, is dat dat knikje naar beneden er enkel is omdat die zak in 2026 wordt gevuld met zo’n 26% extra belastingen op de onroerende voorheffing, samen met de gestegen inkomsten uit verhoogde of nieuwe belastingen en retributies. Pas vanaf 2027 zien we het beperkte effect van de verlaagde personenbelasting.
Geen enkele ademruimte
Het is bijna bewonderenswaardig hoe u erin slaagt om applaus te oogsten met een grafiek die aantoont dat u vanaf 2026 extra diep in de zakken van de Lierenaars en Hooiktenaars zit. Il faut le faire.
Met schuldbeheersing heeft dit niets te maken. Zelfs als u het had gewild, had u geen extra schulden kunnen maken in dit meerjarenplan. De reden is eenvoudig: dan zou uw plan niet meer aan de wettelijke eisen voldoen. Zo krap is het opgesteld, zo weinig ademruimte is er, zo rood zijn de cijfers.
Dramatisch en misleidend
Ik had echt gehoopt hier vandaag een iets positievere toon te kunnen aanslaan. Ik denk dat u me kent als iemand die altijd constructief probeert te zijn. Maar helaas: daarvoor is de inhoud van dit meerjarenplan te dramatisch en de manier waarop u het tracht te verkopen te misleidend.










