18 december 2025 – Nieuwsbericht
In zijn tussenkomst over het meerjarenplan tijdens de gemeenteraad stond onze fractieleider Tom lang stil bij de ontspoorde kosten van de restauraties van de Sint-Gummaruskerk, de Heilige Geestsite en het Begijnhof.
De impact van deze slecht beheerde werken op het stadsbudget is groot. We geven meer uitleg.
Bloedrode cijfers ondanks meer belastingen: hoezo?
Ondanks alle besparingen en belastingverhogingen kleuren de budgetten bloed- en bloedrood. Dat is vreemd en zou alle alarmbellen moeten doen afgaan.
Bedroeg onze schuldgraad in 2022 nog €1.719 per inwoner, wordt dat in 2026 al €2.745 per inwoner om in 2031 boven de €3.200 per inwoner uit te stijgen. Daarmee steken we Mechelen voorbij, de stad die door de burgemeester vaak wordt aangehaald als voorbeeld van budgettair slecht bestuur.
We moesten niet lang zoeken om de belangrijkste reden van de budgettaire ontsporing te vinden. In dit meerjarenplan wordt voor de eerste keer duidelijk wat een hallucinant slagveld de restauraties van Begijnhof en Sint-Gummaruskerk zijn geworden.
Begijnhof ontspoord
Laat ons eerst eens kijken naar het Begijnhof. Op 24 december 2018 werd het restauratieproject voorgesteld. Er was een premieovereenkomst voor meerdere jaren afgesloten met de Vlaamse overheid die 12,9 miljoen euro ging dragen, 80% van de restauratiekosten.
De hele klus ging op vijf jaar geklaard worden. Het klonk toen al te mooi om waar te zijn en dat was het ook. De kosten ontspoorden volledig.
We stevenen af op meer dan 40 miljoen euro kosten, zonder één extra euro uit Vlaanderen. Met andere woorden: maar liefst 28 miljoen euro uit eigen zak te betalen.
Sint-Gummaruskerk en Heilige Geestsite: zelfde verhaal
Het wordt nog erger. Na het akkoord over het Begijnhof werd ook nog eens overgegaan tot een totale restauratie van de Sint-Gummaruskerk en de Heilige Geestsite.
Eind september 2020 was er opnieuw een akkoord met de Vlaamse overheid. De stad schatte de kosten op 22,6 miljoen euro. Vlaanderen zou daarvan 8,6 miljoen euro ophoesten. De pittige 14 miljoen euro uit eigen zak was geen probleem. Het Begijnhof werd immers zwaar gesubsidieerd.
Maar ook hier hetzelfde verhaal: een totale ontsporing van budgetten en termijnen. Momenteel wordt uitgegaan van een verdubbeling van het oorspronkelijke budget, alweer zonder een extra Vlaamse euro.
De volledige restauratie zal meer dan 40 miljoen euro kosten. Het aandeel van Stad Lier explodeert van 14 miljoen naar zo’n 31 à 32 miljoen euro.
Verantwoordelijke bouwheer
Het stadsbestuur nam een groot risico door de twee moeilijke restauratieprojecten samen te laten lopen. Toen duidelijk werd dat de kosten ontspoorden, greep het college niet in, noch werd er stevig op de Vlaamse regeringstafel geklopt met de vraag om meer budget. Met liet alles op zijn beloop.
Het resultaat is een financiële kater waar we nog vele jaren de gevolgen van gaan dragen. En dan zijn de projecten nog lang niet af.
Werken op de lange baan
In plaats van vijf jaar gaan de werken aan het Begijnhof in totaal 17 (!) jaar duren. De heraanleg van de straten volgt pas in 2037.
Wanneer de Sint-Gummaruskerk af zal zijn, is nog onduidelijk. Vanaf 2028 staat immers geen geld meer ingeschreven in het meerjarenplan voor de renovatie van de ‘grote kerk’. De werken vallen dus stil. Er is pas opnieuw budget voorzien in de volgende legislatuur, ergens tussen 2032 en 2038.
De Sagrada Familia gaat sneller klaar zijn.
Contact voor dit bericht
- Tom Claes, gemeenteraadslid
tom.claes@lier.be
+32 486 27 97 18 - Onur Alar, gemeenteraadslid
onur.alar@lier.be
+32 496 58 46 32








